Een barbecuerooster moet passen bij jouw gekozen grillmethode. Direct grillen vraagt om sterke hitte direct onder het eten. Gebruik daarvoor een stevig rooster dat snel opwarmt. Indirect grillen werkt beter met ruimte tussen kolen en voedsel. Een hoger rooster tempert de hitte, zodat grote stukken rustiger garen zonder dat de buitenkant snel verbrandt. Dat voorkomt bittere korsten.
Voor kleine producten is een grillmandje vaak praktischer dan een open rooster. Barbecuespitten en -mandjes houden bijvoorbeeld blokjes groente bij elkaar, terwijl een vlak rooster meer ruimte biedt voor burgers.
Bij roken ligt het rooster niet direct boven de brandstof. De afstand tot de warmtebron bepaalt dan de temperatuur, terwijl een gesloten deksel rook langer rond het voedsel houdt en uitdroging bij grote stukken vlees tijdens langdurige bereiding merkbaar beperkt. Een grillplank beschermt zachte vis bovendien tegen vastplakken en geeft houtaroma af tijdens indirecte bereiding. Keer delicate ingrediënten voorzichtig om.