Een goede composthoop bevat natte en droge resten. Groente- en fruitresten leveren vocht en stikstof. Bladeren, versnipperde takjes en karton verhogen de koolstof-stikstofverhouding in de massa. Die combinatie voorkomt een plakkerige laag met weinig lucht.
Voeg materiaal in dunne lagen toe. Grove stukken verteren langzamer, omdat micro-organismen minder oppervlak bereiken. Scheur karton klein en meng het door nat keukenafval voor een betere verdeling. Gebruik geen vlees, vis of zuivel in een gewone tuincomposteerder, want die resten trekken dieren aan.
Zieke plantenresten horen niet vanzelf op elke hoop. Alleen een voldoende hete kern kan veel ziektekiemen en zaden afbreken. Twijfel je over aantastingen, dan past afvoer via groenafval vaak beter dan toevoegen aan je eigen systeem thuis. Chemisch behandeld hout en kattenbakvulling horen er niet in.