Draad- en kabelidentificatie werkt alleen goed wanneer label en toepassing bij elkaar passen. Zelfklevende etiketten zijn geschikt voor vlakke mantels en kastdeuren. Krimpkouslabels sluiten rond de ader en blijven leesbaar bij beweging. Kabelvlaggen bieden aan beide zijden tekst, waardoor je een bundel ook van opzij sneller herkent.
Voor losse draden werkt een wikkelmarker vaak beter. Een labelrol past bij herhaald werk, terwijl losse markeringskaarten handig zijn voor enkele aansluitingen. Kies liever een duidelijke code. Dat voorkomt verwarring tijdens onderhoud.
Bij installaties met veel identieke kabels helpt een vaste code met tekst en kleurvlakken voor snelle herkenning tijdens storingen, controles, uitbreidingen en het vervangen van afzonderlijke verbindingen in de kast. Leesbaarheid wint het meestal. Past de vraag breder dan markeren alleen, dan biedt Kabels wegwerken meer oplossingen voor geleiding en bescherming. Controleer daarom eerst de plaats van het label.