Educatieve flashkaarten verschillen vooral in leerdoel en antwoordvorm. Een kaart kan een afbeelding, woord, cijfer of vraag tonen. Dat bepaalt de oefening. Kaarten met plaatjes bouwen woordenschat op, terwijl letterkaarten klanken aan geschreven vormen koppelen. Rekenkaarten met stippen oefenen aantallen anders dan kaarten met alleen sommen.
Kies een onderwerp dat aansluit bij iets wat je kind al interessant vindt. Een vaste letterset helpt bij herkenning, doordat dezelfde letters vaak terugkomen in verschillende woorden. Voor extra oefening met klanken passen speelgoed voor leesvaardigheid beter bij een kind dat aan lezen toe is. Gemengde sets vragen vaker om uitleg van jou. Herhaling werkt beter.