Handzagen kies je op materiaal en gewenste zaagrichting. Een grove houtzaag werkt snel in balken en planken. Fijne tanden geven een nettere snede in dun hout. Voor metaal gebruik je een beugelzaag met verwisselbaar blad. Een kapzaag heeft een stijve rug, waardoor de snede recht blijft bij verstekwerk. Dit type zaagt preciezer.
Let ook op de tandstand, want die bepaalt hoe het zaagsel wordt afgevoerd. Universele tanden werken in meerdere richtingen, terwijl Japanse zagen meestal op trek zagen. Een trekzaag vraagt weinig druk en geeft daardoor meer controle bij dunne delen of kwetsbaar fineer tijdens nauwkeurig aftekenen. Voor grotere zaagklussen is het bredere aanbod van zagen logischer. Daar vind je machines voor herhaald werk en dikke doorsneden. Kies daarom eerst de bewerking.