Een goede pasvorm voorkomt drukplekken en ongewenst schuiven. Je kaakvorm verandert bovendien geleidelijk na het trekken van tanden. Daardoor kan een oude prothese later losser gaan zitten. Een controle helpt klachten tijdig onderscheiden van gewenning.
Een goed sluitende rand verdeelt de druk over het tandvlees. Daardoor ontstaan minder snel pijnlijke drukplekken. De occlusie moet in balans zijn, zodat je kaak niet telkens naar één kant uitwijkt. Spreek hardop tijdens een controle, want losse klanken maken een slechte ligging soms duidelijk.
Kauw eerst rustig met kleine happen. Bijten met voortanden kan een volledige prothese naar voren duwen. Langdurige pijn, wondjes of herhaald loskomen zijn redenen om je behandelaar te laten meekijken. Een zachte borstel helpt eigen tanden schoonhouden rond een gedeeltelijke prothese, terwijl passende tandenborstels het tandvlees minder kunnen irriteren.