Lasaccessoires kies je op basis van lasproces en werkduur. Een massaklem, elektrodehouder of toortsdeel werkt alleen goed met de juiste aansluiting. Controleer daarom eerst de machinehandleiding en het bestaande aansluitpunt aan de toorts of kabel. Dat voorkomt kostbare miskopen en vertraging.
Bij elektrode lassen bepalen kabelstekker, elektrodediameter en stroomsterkte welke houder bruikbaar is. MIG/MAG-lassen gebruikt doorgaans een toorts met contacttip en gasmondstuk, terwijl TIG-lassen een wolfraamelektrode met keramische cup vraagt. Die onderdelen zijn onderling niet uitwisselbaar. Kies dus eerst het proces voordat je een los onderdeel vergelijkt.
Meet de diameter van draad, elektrode of schroefdraad zorgvuldig op met een schuifmaat. Ook de aansluiting aan de kabel verdient aandacht, omdat DINSE-stekkers in verschillende maten en stroomklassen voorkomen. Past een specifiek onderdeel niet, dan biedt het bredere aanbod Gereedschapaccessoires meer aanknopingspunten voor je klus. Zo beperk je improviseren en onnodig zoeken tijdens reparaties.