De juiste naaldmaat houdt steken netjes en beperkt zichtbare gaten. Bij veel handnaalden betekent een hoger nummer een dunnere en kortere naald. Controleer altijd de verpakking. Maat acht of negen past vaak bij gemiddeld naaigaren en lichte tot middelzware geweven stoffen.
Voor jeans of meerdere lagen kies je een stevigere naald met voldoende lengte. Een langere schacht geeft meer houvast, terwijl een te brede punt de weefdraden kan verdringen en een zichtbaar gaatje maakt. Dunne zijde vraagt precisie. Neem daarvoor een fijne scherpe naald en een draad die zonder trekken door het oog glijdt.
Het oog moet groot genoeg zijn voor je draad. Duw de draad niet. Bij gedraaid borduurgaren voorkomt een ruim oog rafelen, omdat de draad tijdens elke steek minder langs de rand schuurt. Vergelijk bij verschillende naaldsoorten niet alleen het nummer, maar ook lengte en ooggrootte, want een maatnummer heeft tussen scherpe naalden, stopnaalden en borduurnaalden niet altijd dezelfde praktische betekenis voor gebruik.