De kommaat bepaalt of voerbak en standaard goed samenwerken. Meet eerst de buitendiameter van de bestaande kom. De opening in een ring moet iets kleiner zijn dan de komrand. Zo rust de rand op de houder en zakt de bak niet door.
Controleer ook de komdiepte bij natvoer of water. Een diepe kom beperkt spatwater, terwijl een brede lage kom snorharen van katten vaak minder raakt. Vergelijk de binnenmaat van de ring met de randdiameter van je kom, want een paar millimeter verschil kan bepalen of de kom wiebelt, klemt of te diep in de houder valt. Noteer beide maten voordat je modellen naast elkaar legt.
Bij twee kommen telt ook de afstand tussen de ringen. Te weinig ruimte maakt vullen en schoonmaken lastiger. Een brede voet neemt meer plaats in en verlaagt het risico op omvallen tijdens enthousiaste maaltijden. Controleer daarom de beschikbare vloerplek naast mand, muur of voeropslag.