De stiftdikte bepaalt hoeveel detail en druk een potlood aankan. Een stift van 0,5 mm past vaak bij gewoon schrift en rekenwerk. 0,7 mm schrijft steviger. Voor zeer fijne lijnen is 0,3 mm bruikbaar, al vraagt die maat een lichte hand. Een dikkere stift vraagt minder vaak om bijvullen.
Hardheidsgraad bepaalt hoe donker de lijn wordt en hoe snel de stift slijt. HB is een vertrouwd middenpunt. B-stiften geven doorgaans donkerdere sporen, terwijl H-stiften harder en lichter schrijven. Zachtere stiften tonen duidelijk op papier, terwijl ze bij kleine diktes sneller afbreken onder stevige druk. De aanduiding staat meestal op de navulling of verpakking.
Controleer altijd welke diameter het potlood gebruikt voordat je navullingen kiest. Niet elke stift past. Past een navulbaar model niet bij je schrijfstijl, dan biedt het bredere aanbod van schrijfpotloden meer opties. Wie het natuurlijke gevoel van slijpen zoekt, kan houten potloden vergelijken met deze modellen. Bewaar een paar passende navullingen bij je vaste werkplek.