Veilig gebruik vraagt tijdig wisselen en schone handen. Handschoenen beschermen vooral tegen direct contact, niet tegen alle risico's van een handeling. Gebruik ze doelgericht. Raak daarna geen telefoon, deurklink of schoon materiaal aan met dezelfde handschoenen.
Wissel direct tussen vuile en schone taken, want kruisbesmetting kan anders via het oppervlak van de handschoen ontstaan. Verwijder sieraden vooraf. Ringen kunnen het materiaal beschadigen en maken zorgvuldig handwassen lastiger. Laat nagels kort en glad, zodat de handschoen minder snel scheurt.
Bij injecteren blijft een veilige techniek nodig, omdat een handschoen een prik door een naald niet betrouwbaar tegenhoudt. Voor dit soort handelingen vind je gerichte hulpmiddelen bij naalden en injectiespuiten. Volg binnen zorgwerk altijd de geldende hygiëneprotocollen, omdat de juiste handschoen alleen werkt naast handhygiëne, veilige afvalverwerking en een heldere scheiding tussen schone en besmette materialen tijdens elke handeling. Gooi gebruikte handschoenen weg volgens de plaatselijke afvalregels.