Binnen Carat kun je modellen het best naast elkaar leggen op aandrijving en bediening. Niet elk apparaat heeft dezelfde manier van snelheidsregeling. Ook verschilt de manier waarop je vastzet en wisselt van opzetstuk.
Bij slijpen en schuren maken de details veel uit. Denk aan de schijfmaat, het type bevestiging en de standkeuzes. Bij schuren speelt ook de schuurbeweging en het verbruik per klus mee, zodat je tempo en afwerking op elkaar afstemt.
Gebruik dezelfde denkwijze bij frezen en tegelwerk. Let bij freesmachines op het spanbereik, de diepte-instelling en de instelling van de werkhoogte. Bij tegelwerk kijk je naar snijgeleiding, instelbaarheid en het type knip of snijactie, zodat je patroon netjes aansluit.