Bij moersleutels en dopsleutels let je op maatvoering en krachtoverdracht. Controleer bij moersleutels de bekmaat en de profielvorm voor de bout of moer die je wilt draaien. Bij dopsleutels vergelijk je de aansluiting en de aandrijfmaat. Dat bepaalt of je direct kunt doorwerken met je bestaande ratel of verlengstuk.
Bij schroevendraaiers en grijptangen draait je keuze om grip en puntgeometrie. Let bij schroevendraaiers op het type aandrijving, zoals sleuf of kruiskop. Kijk ook naar de schachthoogte en de tip die in de schroef past. Grijptangen vergelijk je op bekvorm en hefboomwerking.