Voor kleur kun je lippen, wangen en ogen afzonderlijk opbouwen of tinten op elkaar laten aansluiten. Blush en bronzers verschillen onder meer in tint, ondertoon en mate van glans. De plaatsing verandert veel. Bronzer geeft warmte, terwijl blush vooral kleur op de wangen legt.
Met highlighters en luminizers vergelijk je vooral de glansgraad, kleurtoon en vorm, zoals poeder of vloeibare textuur. Een subtiele glans blijft rustiger. Bij lipgloss bepalen transparantie, glans en aanbrengwijze hoe gelijkmatig je het product aanbrengt. De dekking verschilt. Combineer een uitgesproken lipkleur met een rustige wangtint, of kies juist een glanzende afwerking op meerdere plekken.