Hoewel dit één categorie is, loopt het gebruik uiteen. Je gebruikt draad- en kabelbinders om kabels bij elkaar te houden, maar ook om routes rustig te geleiden langs randen. Let daarom op hoe strak de bundel blijft bij trekken en trillingen, en hoe goed de binder zich vormt naar kabels met verschillende diktes.
Maak ook je afweging op het soort toepassing. Voor tijdelijke ordening wil je vooral aanpasbaarheid en snel verwerken. Voor langdurig vastzetten tellen juist een stevige vergrendeling en een afwerking mee die niet snel loslaat.
Als je kabels vooral langs goten voert, kun je je keuze verbinden met kabelgoten. Daar stem je bundeling op het pad af, zodat je niet eindigt met te losse bundels of onhandige bochten.