De soorten in het aanbod zijn verdeeld over basisstukken voor elke dag. Je bouwt je garderobe met broekjes, rompertjes, truitjes en aanvullingen zoals ondergoed en sokken. Die mix geeft je vrijheid bij temperatuurwissels thuis, buiten en in de kinderwagen.
Welke keuze werkt, hangt af van het moment. Bij een rompertje kijk je vooral naar de manier van omkleden en de bedekking bij beweging. Bij een baby of peuterbroekje draait het om bewegingsruimte en hoe de broek meebeweegt. Ondergoed en sokken vergelijk je op hoe ze blijven zitten, ook na wassen.
Je helpt jezelf door eerst te kiezen waar je kind mee bezig is. Voor spelen en kruipen leveren broekjes en rompertjes het snelst gemak. Voor rust en warmte zijn truitjes handig, zeker als je ze afstemt op de hals en de mouwafwerking. Daarna vul je aan met sokken en peuterondergoed.