Alarmaccessoires moeten passen bij de aanwezige beveiliging én bedrading. Kies daarom eerst de functie die je werkelijk mist. Een losse sirene, LED-indicator of afstandsbediening werkt alleen goed wanneer spanning, stekkertype en aansturing met je auto overeenkomen.
Controleer daarom of de auto al een alarmsysteem heeft. Fabrieksalarm en later ingebouwd alarm gebruiken soms verschillende aansluitpunten. Wanneer een accessoire signalen van portieren of contact moet lezen, controleer dan eerst het schema van jouw uitvoering, omdat draadkleuren binnen hetzelfde model per marktversie kunnen verschillen. Dat beperkt fouten.
Past een losse accessoire niet bij je doel, dan biedt Alarmen en vergrendelingen voor voertuigen meer typen beveiliging voor andere toepassingen. Kijk ook zorgvuldig naar de plek van montage. Vocht, warmte en voortdurende trillingen belasten connectoren op lange termijn, daarom houdt een droge bevestigingsplaats de verbinding meestal betrouwbaarder. Leg kabels nooit langs scherpe randen. Een passende zekering dicht bij de voedingsbron beschermt de kabel beter bij beschadiging.