Regelmatige inspectie verkleint de kans op onverwachte brandstoflekkage tijdens het varen aanzienlijk. Kijk vóór elke langere tocht zorgvuldig naar slangen, doppen en alle bereikbare aansluitingen. Let vooral op scheuren, verkleuring, natte plekken en een aanhoudende brandstofgeur. Een sterke geur vraagt direct onderzoek.
Vul rustig bij een stabiele boot en voorkom dat brandstof via de ontluchting naar buiten loopt. Gemorste brandstof kan brandgevaar geven en belast bovendien het oppervlaktewater en de bilge. Sluit de vuldop daarna volledig en schoon af. Ventileer de motorruimte goed vóór je start.
Vervang poreuze pakkingen en beschadigde doppen op tijd, omdat kleine gebreken bij trillingen groter worden en je ze tijdens het varen moeilijker veilig herstelt met beperkte ruimte aan boord. Bewaar een draagbare tank rechtop op een beschutte plek en bescherm hem tegen harde stoten. Een brandstofmeter helpt je verbruik volgen, terwijl een defecte sensor tot verkeerde inschattingen leidt. Spoor afwijkingen dus vroeg op.