De maatvoering bepaalt of apparatuur veilig in het frame past. Rackapparatuur gebruikt meestal de 19-inch-breedte tussen de montageprofielen. De hoogte staat doorgaans in U, waarbij 1U gelijk is aan 44,45 millimeter.
Controleer de bruikbare diepte in plaats van alleen de buitenmaat. Een diepe server kan achterin botsen met kabels, terwijl een ondiepe netwerkmodule juist veel ruimte onbenut laat. Tel stekkers en buigradius mee. Fabrikanten geven draagkracht vaak op voor een gelijkmatig verdeelde belasting.
Plaats zware apparatuur laag in een staand rack voor een lager zwaartepunt. Rails of legborden moeten hetzelfde gewicht dragen als het apparaat, inclusief eventuele accu's of voedingsmodules zelf. Een wandkast vraagt extra aandacht, omdat muurpluggen en ondergrond samen de werkelijke belasting bepalen. Te lichte bevestiging faalt sneller.