Dierenwerende middelen werken het best wanneer je het doel dier kent. Vogels, knaagdieren en huisdieren reageren niet hetzelfde op prikkels. Bepaal daarom eerst waar het dier komt en welk gedrag je wilt voorkomen. Een middel bij afval vraagt vaak een andere aanpak dan bescherming van jonge planten naast een open terras.
Kies liever een methode die toegang beperkt zonder het dier vast te zetten. Dat voorkomt onnodige schade. Kijk ook naar sporen, uitwerpselen en vraatplekken voordat je een plek aanwijst. Een fout ingeschatte soort leidt vaak tot herhaald verplaatsen of extra middelen.
Sommige producten werken met geur, andere met geluid of een bewegingsreactie. De werking verschilt sterk. Geluid en licht hangen af van bereik, obstakels en gewenning van het dier. Geurstoffen kunnen buiten sneller vervagen door regen, wind en zonlicht. Past dit niet, dan is het bredere aanbod van Insectenwerende middelen logischer bij vliegende of kruipende plaagdieren.