Slipkracht beschermt lijn en haak tijdens harde runs van sterke vis. De slip moet gelijkmatig lijn afgeven zonder merkbare haperingen tijdens de dril. Een goed afgestelde slip voorkomt lijnbreuk. Bij een sterke vis dempt deze instelling plotselinge trekkrachten zodat de haak tijdens abrupte wendingen minder snel losschiet.
Test de knop onder lichte spanning voordat je gaat vissen. Draai hem nooit volledig dicht. Overbrenging beschrijft hoeveel omwentelingen de rotor maakt per draai aan de slinger. Een verhouding van 5,2 op 1 haalt per slingeromwenteling meer lijn binnen dan 4,6 op 1.
Een hogere overbrenging werkt prettig bij snel binnenvissen met kunstaas, terwijl een lagere verhouding meer controle geeft wanneer je zwaar aas langzaam door diep of stromend water naar de bodem leidt. Kies geen snelle verhouding voor iedere techniek. Een rustige presentatie vraagt vaak meer controle.