Je werkwijze bepaalt welke vorm en vergroting prettig zijn. Bij kleinbeeld zie je filmkorrel meestal pas goed met een sterk vergrotend oculair. Middelformaat vraagt vaak minder vergroting. Grootformaat geeft een ruimer beeld in de projectie van de vergroter. Daardoor werkt een groter kijkvenster vaak sneller.
Werk je lang achtereen dan telt de kijkhouding extra mee. Een oogschelp kan strooilicht buiten houden en ondersteunt een vaste positie tijdens het beoordelen. Wie een bril draagt kiest liefst voldoende ruimte rond het oculair.
Een lage voet laat je ook dicht boven het papier werken. Voor proefstroken is een licht en snel te verplaatsen hulpmiddel vaak praktischer, terwijl een zwaarder model rustiger staat bij grote afdrukken. Wissel je formaten vaak dan voorkomt een verstelbare uitvoering onnodige onderbrekingen tijdens het afdrukken.