Een passende kettingschakel volgt altijd het type ketting. Meet eerst de steek, de binnenbreedte en de draaddikte van het bestaande deel. Een gewone verbindingsschakel koppelt twee open uiteinden in veel kettingtypen. Een sluitschakel vormt een losneembare verbinding.
Bij rollenkettingen moeten de pennen precies in de busjes vallen, anders loopt de ketting stroef of beschadigt het tandwiel. Gebruik daarom nooit een schakel die alleen op het oog past. Een clipschakel monteer je bij veel aandrijfkettingen zonder speciaal klinkgereedschap. Een geklonken schakel vraagt wel om gecontroleerd persen.
Het sluitprincipe bepaalt dus zowel montagegemak als de mogelijkheid om later weer te openen. Voor aandrijvingen is de kettingserie leidend, omdat steek en plaatdikte per serie verschillen. Past dit type niet bij je toepassing, dan biedt Haken, spanbanden en bevestigingsmateriaal meer soorten verbindingen voor algemeen vastzetten. Dat voorkomt een verkeerde toepassing.