Kies een meetwiel op ondergrond afstand en afleeswijze. Voor korte lijnen op gladde vloeren volstaat meestal een compact wiel met eenvoudige teller. Daarmee werk je vlot. Langere routes vragen om een grotere diameter, omdat die minder gevoelig is voor kleine obstakels. Een display met verlichting helpt in donkere gangen en bij metingen in de schemering.
Bepaal daarna hoe vaak je het instrument werkelijk moet vervoeren. Een inklapbare steel past makkelijker in een voertuig, terwijl een vaste steel vaak steviger aanvoelt bij dagelijks gebruik. Gebruik je het meetwiel buiten op wisselende ondergrond, kies dan een slijtvast loopvlak en controleer de as regelmatig, zodat de meetlijn niet ongemerkt gaat zwabberen bij lange grensmetingen buiten. Maak na gebruik vuil van band en as zorgvuldig los. Berg het droog op.