Een korte keuzevolgorde voorkomt onnodige middelen thuis. Stel eerst vast welk dier je ziet en waar het actief is. Kies daarna preventie, een val of een toegelaten middel. Die volgorde houdt de aanpak overzichtelijk.
Begin bij toegang en voedselbronnen, omdat een oplossing langer werkt wanneer nieuwe dieren minder makkelijk binnenkomen. Is er slechts één dier zichtbaar, dan volstaat vaak verwijderen of vangen. Neem bij terugkerende sporen de omgeving mee. Controleer naden, voorraadkasten en afvalpunten.
Bepaal vervolgens of je wilt weren, monitoren of bestrijden. Vergelijk dan formaat, toepassingsplek en veiligheidsinstructies van passende producten. Kies pas daarna een werkzame stof of lokmiddel. Zo stem je ongediertebestrijding af op de oorzaak.