Regelmatig onderhoud houdt de waterafvoer stil en betrouwbaar.
Controleer wekelijks of vuil de kammen en afvoeropening belemmert. Bladeren, voerresten en slakken kunnen de instroom beperken. Dat merk je aan een stijgend waterpeil.
Spoel losse delen met aquariumwater uit wanneer je tegelijk onderhoud aan het filter doet. Gebruik geen zeep of huishoudelijke reinigers, want reststoffen kunnen schadelijk zijn voor vissen. Inspecteer ook de rubberringen van doorvoeren op scheurtjes, vervorming en harde randen. Vervang versleten ringen voordat een klein lek langdurig vocht in de kast veroorzaakt.
Zet na elke wijziging de retourpomp uit en kijk hoeveel water naar de opvangruimte terugloopt. Deze proef voorkomt verrassingen. Test daarna opnieuw met een gevuld aquarium, zodat je ziet of de noodafvoer voldoende capaciteit heeft wanneer de hoofdleiding gedeeltelijk geblokkeerd raakt. Een goed passend deksel beperkt bovendien springende vissen en verdamping rond de open overloop.