Een geschikte pannenkoekpan moet aansluiten op jouw warmtebron. Inductie werkt alleen met een magnetische inductiebodem. Test dit eventueel met een magneet. Gas verwarmt ook ronde bodems goed.
Elektrische en keramische kookplaten vragen een bodem die vlak blijft liggen. Zet de pan eerst op middelhoog vuur zodat de bodem geleidelijk op temperatuur komt. Voeg pas daarna boter of olie toe. Het beslag bakt dan gelijkmatiger.
Op inductie is een bodemdiameter die past bij de kookzone extra handig. Een te kleine pan op een grote zone kan snel heet worden, terwijl een brede bodem buiten de zone minder gelijkmatig kan garen. Kijk bij afwijkende wensen in het bredere aanbod van Kookbenodigdheden. Daar vind je ook pannen voor andere bereidingen.
Laat de pan na het bakken kort afkoelen. Spoel een hete pan niet meteen met koud water af. Door grote temperatuurverschillen kan de bodem kromtrekken. Een kromme bodem bakt minder gelijkmatig.