Het juiste poortaantal voorkomt lege ruimte en latere noodoplossingen. Tel actieve aansluitpunten plus reserve voor groei. Twintig procent reserve werkt vaak prettig. Bepaal vervolgens of elke aansluiting data, telefonie of PoE moet dragen. Voor een gemiddelde thuiskast volstaan meestal twaalf of vierentwintig poorten. Glasvezelpanelen gebruiken andere adapters, zoals LC of SC, en vereisen een passend vezeltype.
Een 19-inch paneel beslaat meestal één hoogte-eenheid, ook wel 1U genoemd. Hogere uitvoeringen bieden meer poorten, maar maken patchkabels minder overzichtelijk bij dicht geplaatste aansluitingen. Controleer daarom de beschikbare U-ruimte in je rack. Keystones laten je koper en glasvezel scheiden binnen één montageveld, mits de uitsparingen hetzelfde formaat gebruiken. Voor losse kabelbundels naast een kleine opstelling zijn Draad- en kabelbinders praktischer dan extra rackaccessoires. Nummer elke poort direct tijdens de montage.