De juiste LNB volgt het aantal tuners in jouw satellietopstelling thuis. Een single-LNB voedt één tuner via één coaxkabel. Dat past vaak goed bij een eenvoudige ontvanger zonder opnamefunctie.
Twin-, quad- en octo-LNB's hebben respectievelijk twee, vier en acht onafhankelijke uitgangen. Elke aangesloten tuner kiest dan zelf een zender en polariteit. Een recorder met twee satelliettuners vraagt twee afzonderlijke aansluitingen, omdat beide tuners tegelijk verschillende frequentiebanden en polarisaties moeten kunnen ontvangen.
Een Unicable-LNB gebruikt één kabel voor meerdere compatibele tuners. Dat beperkt extra kabelwerk in woningen met beperkte doorvoeren. Controleer daarom of elke ontvanger deze standaard daadwerkelijk ondersteunt. Voor meerdere satellietposities bestaan monoblock-LNB's, waarbij twee ontvangstkoppen in één behuizing op een vaste schotelafstand staan. Bij afwijkende schotelmontage helpen Antennebeugels en -ophangsystemen om de uitrichting stabiel te houden.