Satelliet-LNB's (15)

Satelliet-LNB's bepalen welke satellietsignalen je ontvanger kan verwerken. Kies vooral op aantal ontvangers en de gewenste satellietpositie. Een verkeerde uitgang of bandindeling geeft snel storingen. Ook de halsmaat, de kabelverbinding en de instelling van de schotel moeten passen. Daarmee voorkom je dat een nieuwe LNB weinig toevoegt aan je bestaande installatie thuis.

Wat vind je van deze pagina?

Satelliet-LNB's vergelijken en kiezen

1. Welke Satelliet-LNB's passen bij jouw schotel?

De juiste LNB volgt het aantal tuners in jouw satellietopstelling thuis. Een single-LNB voedt één tuner via één coaxkabel. Dat past vaak goed bij een eenvoudige ontvanger zonder opnamefunctie.

Twin-, quad- en octo-LNB's hebben respectievelijk twee, vier en acht onafhankelijke uitgangen. Elke aangesloten tuner kiest dan zelf een zender en polariteit. Een recorder met twee satelliettuners vraagt twee afzonderlijke aansluitingen, omdat beide tuners tegelijk verschillende frequentiebanden en polarisaties moeten kunnen ontvangen.

Een Unicable-LNB gebruikt één kabel voor meerdere compatibele tuners. Dat beperkt extra kabelwerk in woningen met beperkte doorvoeren. Controleer daarom of elke ontvanger deze standaard daadwerkelijk ondersteunt. Voor meerdere satellietposities bestaan monoblock-LNB's, waarbij twee ontvangstkoppen in één behuizing op een vaste schotelafstand staan. Bij afwijkende schotelmontage helpen Antennebeugels en -ophangsystemen om de uitrichting stabiel te houden.

2. Halsmaat, feedhorn en weerbestendigheid

De halsmaat moet bij de LNB-houder passen. De meeste Europese schotelarmen gebruiken een standaarddiameter van 40 millimeter. Meet een afwijkende houder eerst zorgvuldig op. Een verkeerde maat klemt slecht of beschadigt de kunststof kraag.

Een smalle feedhorn ontvangt het door de schotel gebundelde signaal. De positie in de houder bepaalt daarom de ontvangstkwaliteit. Draai de LNB alleen binnen het bereik dat de fabrikant aangeeft. Die draaiing heet skew en compenseert de polarisatiehoek van de satelliet.

Kunststof behuizingen houden het gewicht laag en beschermen de elektronica, terwijl een degelijke afdichting regen en vuil bij de aansluitingen buiten houdt. Een afdichtkap over de F-aansluiting voorkomt vocht in de kabelkern. Beschadigde wartels veroorzaken vaak oxidatie, waardoor signaalverlies geleidelijk toeneemt.

3. Signaalwaarden en schakelfuncties

Een universal-LNB dekt de gebruikelijke Europese satellietbanden af. Hij schakelt tussen lage en hoge band via een 22 kHz-toon. De lokale oscillator vertaalt die frequenties naar een bereik voor de ontvanger.

De bekende oscillatorwaarden zijn 9,75 en 10,6 GHz. Ze horen bij standaard satellietontvangers voor Ku-band. Een lage ruismaat kan nuttig zijn bij zwakke signalen. Toch lost een lagere opgegeven waarde geen slechte uitrichting of verouderde kabel op.

Bij een installatie met meerdere posities kiest een DiSEqC-commando de gewenste LNB, zodat je ontvanger bijvoorbeeld tussen Astra-satellieten kan schakelen zonder kabels telkens handmatig opnieuw te hoeven verwisselen. Niet iedere ontvanger ondersteunt dit protocol. Controleer ook het aantal DiSEqC-poorten in je installatie. De beste Satelliet-LNB's geven een startpunt wanneer je functies naast elkaar wilt leggen.

4. Kabels, ontvangers en aansluitingen

Coaxkabel en ontvanger bepalen samen de praktische compatibiliteit. Bij satellietinstallaties gebruik je normaal 75-ohm coaxkabel met passende F-connectoren. Schroef de connector recht op de kabel. Los contact geeft storingen.

De LNB ontvangt meestal 13 of 18 volt van de ontvanger. Daarmee kiest hij de verticale of horizontale polarisatie. Een satellietontvanger levert ook het schakelsignaal voor de bandkeuze. Lange coaxtrajecten dempen het signaal merkbaar, waardoor correcte connectoren en kabels met lage demping bij hogere frequenties extra aandacht vragen binnen een grote opstelling.

Splitters voor televisie zijn zelden geschikt voor satellietsignalen. Gebruik alleen onderdelen die satellietfrequenties en voeding doorlaten. Past deze techniek niet bij je opstelling, dan is het bredere aanbod van Antenneaccessoires logischer.

5. Onderhoud en storingen voorkomen

Goed onderhoud voorkomt veel storingen bij satellietontvangst. Inspecteer alle F-aansluitingen minstens jaarlijks op vocht en corrosie. Een losse rubberkap vraagt direct aandacht. Vervang gescheurde afdichtingen voordat water de coaxkabel bereikt.

Maak de behuizing schoon met een zachte droge doek. Gebruik geen oplosmiddelen op kunststof of afdichtrubbers. Na zware wind kan de schotel iets zijn verdraaid. Controleer dan eerst de beugel en de uitrichting, omdat een perfect werkende LNB geen scheef gemonteerd reflectorsignaal kan herstellen.

Plotselinge uitval op één tuner wijst vaak naar uitgang, kabel of connector. Storingen op alle aansluitingen vragen eerst om controle van voeding en schotelrichting. Met een reservekabel test je snel waar het probleem zit.

Begrippenlijst

LNB

Een LNB is een ontvangstkop die satellietsignalen omzet naar frequenties voor een ontvanger. Hij zit vooraan op de arm van de schotel. Het aantal uitgangen bepaalt hoeveel tuners onafhankelijk kunnen werken.

Unicable

Unicable is een satelliettechniek waarbij meerdere compatibele tuners één coaxkabel delen. Elke tuner krijgt een eigen gebruikersfrequentie toegewezen. Daardoor zijn minder extra kabels nodig bij bestaande doorvoeren.

Skew

Skew is de draaihoek van een LNB in zijn houder voor de juiste polarisatie. De benodigde hoek verschilt per satellietpositie en locatie. Een kleine afwijking kan de ontvangst van sommige transponders verslechteren.

Lokale oscillator

De lokale oscillator is een onderdeel dat hoge satellietfrequenties naar een bruikbaar ontvangstbereik omzet. Bij een universal-LNB zijn 9,75 en 10,6 GHz gebruikelijke waarden. De ontvanger gebruikt die waarden tijdens het afstemmen.

DiSEqC

DiSEqC is een besturingsprotocol waarmee een ontvanger satellietonderdelen kan schakelen. Het wordt vaak gebruikt om tussen meerdere LNB's of satellietposities te kiezen. Ontvanger en aangesloten onderdeel moeten hetzelfde protocol ondersteunen.

F-connector

Een F-connector is een geschroefde coaxconnector voor satellietsignalen en antennevoeding. De kernader van de coaxkabel vormt daarbij het middelste contact. Een recht gemonteerde connector beperkt storing door slecht contact of vocht.

Over satelliet-lnb's

Vergelijk 15 satelliet-lnb's bij honderden Nederlandse webshops. De prijzen lopen van € 6 tot € 150. products.ai toont per product de laagste prijs, de voorraad én de prijsontwikkeling, zodat je altijd de beste deal vindt.

Verwante categorieën