Was doeken geregeld zodat opgehoopt vuil niet krast. Schud losse stof eerst buiten uit voordat je de doek wast. Was microvezel bij voorkeur apart van pluizende handdoeken en kleding. Katoenvezels kunnen anders tussen de fijne lussen blijven hangen.
Gebruik een kleine hoeveelheid mild wasmiddel zonder parfum of toevoegingen. Bleekmiddel en wasverzachter passen niet goed bij dit onderhoudsdoel. Laat de doek aan de lucht drogen, omdat hoge hitte vezels kan vervormen en een stijve doek minder prettig over kwetsbare delen glijdt. Controleer na het wassen beide zijden zorgvuldig op harde deeltjes of pluis.
Vervang een doek zodra hij ruw blijft aanvoelen of zichtbaar rafelt. Verkleuring alleen is meestal geen probleem na normaal gebruik. Blijvende korrels, rafels of een vettige geur tonen aan dat wassen niet meer genoeg helpt en dat het contact met je instrument minder voorspelbaar wordt. Bewaar schone doeken afgesloten en gescheiden van gereedschap of hars.