Sportspeelgoed kies je op spelvorm leeftijd en beschikbare ruimte. Een zachte bal vraagt iets anders dan een werpschijf of racket. Jonge kinderen oefenen vooral gooien, vangen en mikken op een doel. Daarbij helpt licht materiaal.
Voor vrij balspel geven speelballen vaak veel mogelijkheden, omdat een kind er snel een eigen spelregel aan koppelt. Een grotere bal rolt rustiger over een vlakke vloer. Kleine handen krijgen een lichte bal beter vast, terwijl een stugge bal verder kaatst. Een stroef oppervlak geeft meer controle wanneer handen nog weinig kracht hebben. Dat merk je direct met kinderen.
Frisbees vragen buiten meer vrije ruimte dan ballen, omdat een vliegende schijf bij een mislukte worp verder doorvliegt en daardoor sneller een pad of raam in de buurt bereikt. Kies frisbees wanneer gooien het hoofddoel van het spel is. Racketspeelgoed werkt beter met twee spelers, want het spel blijft langer gaande bij een passende bal. Voor een duo is racketspeelgoed vaak logischer.