De aansluiting bepaalt of een accessoire veilig past. Controleer daarom eerst zorgvuldig de binnendiameter van de oculairhouder. Veel telescopen gebruiken 1,25 inch of 2 inch. Oudere modellen kunnen een 0,965 inch maat hebben. Een adapter overbrugt zulke verschillen, mits hij stevig klemt.
Schroefdraad vraagt een andere controle dan een insteekhuls. Filters gebruiken vaak schroefdraad aan de onderkant van het oculair. Controleer de diameter en de spoed voordat je onderdelen vastdraait, want verkeerd passend draad beschadigt metaal en kunststof snel. Een verloopring maakt een kleiner oculair bruikbaar in een grotere houder, terwijl extra verbindingen bij lage temperaturen sneller speling geven met zichtbaar beeldverlies tijdens langere waarnemingen op een trillend statief. Draai bevestigingen handvast aan.