Thin clients (8)

Thin clients zijn compacte werkplekken voor organisaties die applicaties centraal aanbieden. Je kiest vooral tussen het juiste besturingssysteem, protocolondersteuning en aansluitingen voor jouw werkplek. Een goedkoop kastje helpt niet wanneer beeldschermen of USB-apparaten slecht samenwerken. Let daarom ook op beheer op afstand, netwerkverbindingen en de geplande gebruiksduur binnen jouw organisatie.

Wat vind je van deze pagina?

Thin clients vergelijken en kiezen

1. Thin clients en besturingssystemen

Een thin client moet passen bij jouw centrale werkomgeving. Het besturingssysteem bepaalt welke verbindingsoftware je kunt gebruiken. Windows IoT wordt vaak gekozen wanneer bestaande beheertools en specifieke randapparatuur leidend zijn.

Linux-gebaseerde modellen starten vaak snel op en vragen doorgaans minder lokale opslagruimte. Kies het systeem niet alleen op bekendheid. Controleer of de firmware het gewenste remote-desktopprotocol ondersteunt, omdat een protocolverschil invloed heeft op beeld, audio en invoerapparaten.

Sommige apparaten werken uitsluitend met software van één virtuele desktopomgeving. Dat beperkt je later. Een model met brede protocolondersteuning blijft bruikbaar bij een veranderende serveromgeving of uiteenlopende afdelingswensen. Vergelijk daarom ook licentievoorwaarden voor de beheerconsole en eventuele extra clientsoftware. Past deze richting niet bij je omgeving, dan biedt het bredere aanbod van Thin- en zeroclients meer aanknopingspunten.

2. Protocollen en prestaties

De juiste protocollen bepalen hoe natuurlijk jouw werksessie aanvoelt. RDP is gangbaar bij Windows-gebaseerde sessies. Andere omgevingen gebruiken bijvoorbeeld PCoIP of HDX voor beeld, geluid en aangesloten randapparatuur lokaal.

Hoge schermresoluties vragen meer van de verbinding en van de decoder in het apparaat. Video speelt daarbij mee. Wie twee of meer schermen gebruikt, merkt pas tijdens druk werk het verschil, omdat een beperkte decoder bewegend beeld minder vloeiend kan tonen bij hoge resoluties en vernieuwingsfrequenties tegelijk. Een bekabelde netwerkverbinding geeft meestal een constanter resultaat.

Wifi kan geschikt zijn voor rustige taken. Test altijd met dagelijkse toepassingen, want een demonstratiescherm laat piekbelasting of vertraagde invoer niet betrouwbaar zien. Let ook op ondersteuning voor audio doorsturen en microfoongebruik. Voor videobellen is lokale verwerking soms gewenst.

3. Aansluitingen voor de werkplek

De aansluitingen moeten passen bij jouw bestaande werkplek. Controleer eerst het aantal gewenste beeldschermen. DisplayPort, HDMI en USB-C verschillen per model en per schermtype. Een verkeerde poort vraagt soms om adapters.

Let bij twee schermen op de maximale resolutie per uitgang. Die waarde zegt niet altijd genoeg. De combinatie van resolutie, beeldfrequentie en protocol bepaalt of beide schermen zonder merkbare vertraging functioneren. USB-poorten zijn nodig voor toetsenbord, muis en soms een smartcardlezer.

Een headset of webcam werkt alleen goed wanneer het protocol deze apparaten kan doorgeven. Dat voorkomt storingen. Controleer ook ethernet, wifi en eventuele seriële poorten voordat je besluit een ouder apparaat nog dagelijks te blijven aansluiten.

4. Beheer op afstand en beveiliging

Beheer op afstand bespaart tijd bij grote werkplekomgevingen. Een beheerconsole kan instellingen centraal verspreiden. Dat vermindert verschillen tussen apparaten en maakt vervanging van een defect exemplaar overzichtelijker voor beheerders.

Controleer vooraf precies welke instellingen je op afstand kunt vastzetten. Daarmee beperk je lokale aanpassingen. Een vastgelegde opstartconfiguratie voorkomt dat gebruikers per ongeluk naar ongewenste systemen starten of instellingen voor lokale opslag wijzigen. Beveiliging begint ook bij de netwerktoegang en de gekozen authenticatiemethode.

Ondersteuning voor smartcards of multifactor-aanmelding kan passen bij strengere toegangsregels. Lokale gegevens blijven dan beperkt. Ondertekende firmware-updates beperken het risico op ongewenste wijzigingen tijdens centrale uitrol. Documenteer ten slotte duidelijk wie beheerdersrechten krijgt binnen de beheeromgeving.

5. Gebruikssituatie en levensduur

De werkplek bepaalt welke thin client je nodig hebt. Een kantoorbaan stelt andere eisen dan een balie. Een bescheiden configuratie volstaat vaak voor tekstverwerking en eenvoudige administratieve taken.

Grafische toepassingen vragen meer decodervermogen en soms ondersteuning voor meerdere beeldschermen. Ook videobellen belast de sessie. Gebruik een proefopstelling met echte toepassingen voor een oordeel over audio, camera en schermweergave tijdens piekmomenten op de werkvloer. Een stille behuizing helpt merkbaar op rustige gedeelde werkplekken vaak.

Let daarnaast goed op de geplande gebruiksduur van het platform. Firmware-ondersteuning stopt niet overal tegelijk. Een apparaat met een passende ondersteuningsperiode voorkomt een vroege vervanging, terwijl centraal beheer de inzet van nieuwe versies in de praktijk op verschillende locaties beter planbaar maakt voor je organisatie. Bij aanbiedingen voor thin clients vergelijk je vervolgens vooral aansluitingen en beheerfuncties.

6. Zo kies je in vijf minuten

Je kiest sneller met een vaste volgorde van vragen. Begin bij de serveromgeving en gebruikte protocollen. Noteer daarna hoeveel schermen en USB-apparaten iedere werkplek werkelijk nodig heeft.

Controleer vervolgens de resolutie, netwerkverbinding en beschikbare poorten per model. Daarna volgt het beheer. Vergelijk de beheerconsole met je bestaande werkwijze, omdat een onbekende beheerlaag extra tijd vraagt bij installatie, updates en storingen. Beoordeel ook de ondersteuningstermijn van firmware en besturingssysteem.

Test ten minste één representatieve werkplek vóór brede uitrol. Dat voorkomt verrassingen. Gebruik daarbij een schermopstelling, randapparatuur en toepassingen die de dagelijkse belasting zo realistisch mogelijk op de werkvloer nabootsen. Wil je modellen naast elkaar zetten, dan helpt de selectie met de beste thin clients je bij het vergelijken van eigenschappen.

Begrippenlijst

RDP

RDP is een protocol voor het weergeven en bedienen van een externe Windows-sessie. Het verstuurt scherminformatie en invoer tussen werkplek en server. De beschikbare functies verschillen per implementatie, vooral bij meerdere schermen, audio en aangesloten USB-apparatuur.

PCoIP

PCoIP is een protocol dat beeld, geluid en invoer van een externe werkomgeving overdraagt. Het is gericht op een responsieve grafische sessie. De vereiste ondersteuning zit zowel in de client als in de gebruikte server- of desktopomgeving.

HDX

HDX is een verzameling technieken voor het aanbieden van externe applicaties en desktops. De techniek kan beeld, audio en randapparatuur optimaliseren. Welke mogelijkheden beschikbaar zijn, hangt af van de gekozen infrastructuur en ingestelde beleidsregels.

Decoder

Een decoder verwerkt gecomprimeerde beeldinformatie tot zichtbare schermweergave. Bij externe sessies beïnvloedt deze chip de ondersteuning voor resolutie, video en meerdere schermen. Een beperkte decoder kan bewegend beeld bij zwaardere werkplekken minder vloeiend weergeven.

Firmware

Firmware is ingebouwde software die de hardware opstart en basisfuncties aanstuurt. Updates kunnen compatibiliteit, stabiliteit en beveiliging verbeteren. Controleer daarom hoe lang de fabrikant firmware aanbiedt en of updates centraal zijn uit te rollen.

Beheerconsole

Een beheerconsole is software waarmee beheerders instellingen op meerdere apparaten centraal beheren. Je kunt er vaak configuraties verspreiden, apparaten inventariseren en updates plannen. De beschikbare functies verschillen per platform en licentievorm.

Over thin clients

Vergelijk 8 thin clients bij honderden Nederlandse webshops. De prijzen lopen van € 175 tot € 1.161. products.ai toont per product de laagste prijs, de voorraad én de prijsontwikkeling, zodat je altijd de beste deal vindt.