Vloeistof voor bloedsuikercontrole (3)

Vloeistof voor bloedsuikercontrole helpt je de werking van meter en teststrips controleren. De juiste keuze hangt af van het gebruikte metersysteem en de bijbehorende stripserie. Dat verschil telt. Een flesje dat niet overeenkomt met jouw strips kan een onbruikbare controle geven. Ook openen, bewaren en het aflezen van het controlebereik bepalen of je uitslag iets zegt.

Wat vind je van deze pagina?

Vloeistof voor bloedsuikercontrole vergelijken en kiezen

1. Vloeistof voor bloedsuikercontrole en metercompatibiliteit

Controlevloeistof moet precies passen bij jouw gebruikte glucosemeter. De vloeistof bevat een bekende glucoseconcentratie waarmee je controleert of meter en strip samen betrouwbaar meten. Een passend systeem geeft houvast. Kijk daarom eerst naar merknaam, metertype en de stripverpakking die je gebruikt.

Niet elke controlevloeistof werkt met elke stripserie, omdat de toegestane waarden per systeem verschillen. De code op het flesje moet overeenkomen met de instructies bij jouw teststrips. Dat voorkomt verkeerde conclusies. Gebruik je meerdere meters thuis, dan heeft ieder systeem vaak een eigen vloeistof nodig.

Voor bijpassende verbruiksartikelen kun je ook teststrips voor bloedglucose vergelijken. Controleer de verpakking op een expliciete vermelding van jouw meter en striptype, want vergelijkbare productnamen bieden geen zekerheid. De beste vloeistof voor bloedsuikercontrole past alleen als fabrikant en striptype overeenkomen.

2. Flesje, lotnummer en houdbaarheid

Lotnummer en houdbaarheid bepalen of een controle nog bruikbaar is. Het lotnummer koppelt de vloeistof aan productiegegevens van de fabrikant. Zo herken je verschillen. Bewaar doosje en etiket daarom samen met het flesje.

De gedrukte vervaldatum geldt voor een ongeopend product dat volgens het etiket is bewaard. Een geopend flesje kan eerder ongeschikt worden, omdat luchtcontact de eigenschappen kan beïnvloeden. Noteer daarom de openingsdatum. De termijn na openen staat meestal op het etiket of in de meterhandleiding.

Een flesje met onbekende openingsdatum is na de etikettermijn niet betrouwbaar genoeg voor een controle, omdat langdurige bewaring de eigenschappen van de controlevloeistof kan veranderen en een uitslag minder goed verklaarbaar maakt. Past deze keuze niet bij je vraag, dan biedt accessoires voor bloedglucosemeter meer soorten hulpmiddelen rond je meetroutine. Lees de bewaarregels opnieuw.

3. Zo gebruik je de controlevloeistof

Een controletest volgt altijd de handleiding van jouw meter. Leg meter, passende strips en vloeistof klaar voordat je begint. Gebruik geen bloed. Was en droog je handen als de fabrikant dat voorschrijft.

Schud het flesje alleen wanneer het etiket dit aangeeft. Plaats daarna een nieuwe teststrip en breng de voorgeschreven hoeveelheid vloeistof zorgvuldig op het aangegeven deel aan. Raak de strip niet aan. De meter toont vervolgens een waarde die je met het controlebereik vergelijkt.

Sluit het flesje direct, zodat vuil of verdamping de volgende controle minder betrouwbaar maakt. Een vaste werkwijze helpt, omdat kleine verschillen bij het aanbrengen anders tot afwijkende uitkomsten kunnen leiden. Volg die extra stappen.

4. Wanneer een controle nodig is

Een controletest is vooral zinvol bij twijfel over metingen. Test bijvoorbeeld na een val van de meter of na blootstelling aan omstandigheden buiten de voorgeschreven opslag. Dat geeft duidelijkheid. Ook een nieuw potje teststrips kan aanleiding zijn voor een controle.

Voer die controle uit voordat je meetwaarden gebruikt voor een beslissing binnen je eigen behandelplan. Een onverwachte waarde vraagt niet automatisch om een controletest, want ook de testprocedure of lichamelijke factoren kunnen verschillen. Neem twijfel serieus. Heb je vooral moeite met bloed afnemen, dan zijn lancetapparaten relevanter dan controlevloeistof.

Gebruik voor een controletest geen lancet, omdat de vloeistof het bloedmonster vervangt. Controleer ook na een nieuw lotnummer als de handleiding die stap noemt. De fabrikant bepaalt dat moment.

5. Uitslagen beoordelen en fouten uitsluiten

Een controletest slaagt wanneer de uitslag binnen het bereik valt. Dat bereik staat op het stripflesje of in de officiële gebruiksinformatie. Persoonlijke streefwaarden gelden niet. Vergelijk dus nooit de controlevloeistof met je normale bloedglucosewaarden.

Ligt de uitslag buiten het bereik, herhaal de test dan met een nieuwe strip en volgens alle voorgeschreven stappen. Blijft de waarde afwijken, gebruik de strips dan niet voor een gewone meting totdat je de handleiding hebt geraadpleegd. Dat beperkt onzekerheid. Een afwijkende controle kan ontstaan door verkeerde vloeistof of onjuiste opslag, omdat beide oorzaken de chemische reactie op de teststrip tijdens de meting zelf negatief kunnen beïnvloeden.

Bewaar de verpakking totdat je het probleem hebt opgelost. Noteer zo nodig de foutmelding van de meter en het gebruikte lotnummer. De handleiding wijst vaak de volgende stap.

6. Bewaren en veilig werken

Goed bewaren houdt jouw controlevloeistof thuis langer betrouwbaar. Volg altijd zorgvuldig de temperatuurgrenzen van de fabrikant op het etiket. Warmte versnelt achteruitgang. Laat het flesje daarom niet in zonlicht of een warme auto liggen.

Sluit de dop direct na gebruik zodat de vloeistof beschermd blijft tegen vuil en verdamping. Bewaar het flesje rechtop wanneer de fabrikant dat adviseert. Giet niets over. Overgieten naar een ander potje kan verwarring geven, omdat etiketgegevens en hygiëne dan minder goed te controleren zijn.

Leg controlevloeistof buiten bereik van kinderen wanneer de verpakking daarvoor waarschuwt. Gebruik alleen de meegeleverde druppelaar als die volgens de instructies bij het flesje hoort, want een andere opening kan de dosering beïnvloeden. Een schone bewaarroutine voorkomt onnodige twijfel over de uitslag.

Begrippenlijst

Controlevloeistof

Controlevloeistof is een glucoseoplossing met een bekende concentratie voor het controleren van een meetsysteem. Je brengt de vloeistof op een teststrip aan in plaats van bloed. De gemeten waarde moet binnen het opgegeven controlebereik vallen.

Lotnummer

Lotnummer is een code die een productiebatch identificeert en op verpakking of flesje staat. De code helpt fabrikant en gebruiker bij het onderscheiden van verschillende batches. Bij vragen over een afwijkende controle vermeld je dit nummer samen met het metertype.

Controlebereik

Controlebereik is het waardeninterval waarbinnen een controletest volgens de fabrikant hoort uit te komen. Het bereik staat meestal bij de gebruikte teststrips voor bloedglucose of in de gebruiksinformatie. Vergelijk het niet met persoonlijke streefwaarden voor bloedglucose, want die dienen een ander doel.

Teststrip

Teststrip is een wegwerpstrip die een bloedmonster of controlevloeistof chemisch analyseert in een glucosemeter. Iedere stripserie werkt met een vastgesteld meetsysteem en controlebereik. Sluit de stripverpakking direct na gebruik volgens de aanwijzingen van de fabrikant.

Vervaldatum

Vervaldatum is de laatste datum waarop een ongeopend product volgens de fabrikant bruikbaar blijft bij correcte bewaring. Na openen kan een kortere termijn gelden. Die termijn staat op het etiket, de verpakking of in de gebruiksinformatie.

Stripserie

Stripserie is een specifieke uitvoering van teststrips die bij een bepaald metersysteem en controlebereik hoort. De naam op de verpakking kan lijken op die van andere series. Controleer daarom altijd de expliciete compatibiliteitsvermelding.

Over vloeistof voor bloedsuikercontrole

Vergelijk 3 vloeistof voor bloedsuikercontrole bij honderden Nederlandse webshops. De prijzen lopen van € 7 tot € 12. products.ai toont per product de laagste prijs, de voorraad én de prijsontwikkeling, zodat je altijd de beste deal vindt.

Verwante categorieën