De juiste gaatjesafstand voorkomt scheve onderdelen en lastige verbindingen. Veel prototypen printplaten gebruiken rastermaat 2,54 mm. Die standaardmaat past bij veel through-hole onderdelen met aansluitdraden. Controleer daarom altijd de hartafstand van pennen. De maat bepaalt de plaatsing.
Meet ook de vrije ruimte rond connectoren en regelaars. Brede modules blokkeren soms meerdere gaatjes naast hun pennen. Grote borden bieden plaats voor connectoren, spanningsregelaars en hoge condensatoren, met extra vrije ruimte voor meetpennen, isolatie, latere wijzigingen en overzichtelijke verbindingsdraden van complexe proefschakelingen op je werkbank. Bij geïntegreerde schakelingen helpt een DIP-voet, want de rijafstand moet exact op de behuizing aansluiten. Voor vaste koperbanen past het bredere aanbod van Printplaten en componenten beter bij je ontwerp.