Het gewenste resultaat bepaalt welk systeem je nodig hebt. Een tafelmodel geeft direct drinkwater, terwijl een vast systeem meestal de hele aanvoer behandelt. Beide doelen vragen andere techniek. Een waterdispenser past bij een tappunt waar je gekoeld of warm water wilt.
Voor een kraan of koelkast werkt filtratie dichtbij het gebruikspunt vaak beter, omdat je slechts één waterstroom behandelt. Een leidingfilter houdt vooral zand, roestdeeltjes en ander sediment tegen. Dat beschermt ventielen en toestellen. Kies ontharding pas wanneer kalkaanslag of harde afzetting het werkelijke probleem vormt.
Wie drinkwater wil verbeteren en leidingen wil sparen, combineert soms systemen, terwijl de filtervolgorde moet passen bij druk, debiet en de gewenste toepassing. Niet elke techniek verwijdert dezelfde stoffen. Vergelijk daarom het behandeldoel met de opgegeven werking.